Gordijnen ophangen is zo gepiept, mits je vooraf de juiste keuzes maakt over rails, hoogte en breedte.
Gordijnen ophangen lijkt een klusje van tien minuten, tot je merkt dat je railtje net te laag zit of je stof precies twee centimeter over de vloer sleept. Het is geen moeilijk werk, maar een paar keuzes vooraf schelen je een hoop gepiel achteraf. Even goed meten en je hangt ze in één keer recht.
Rails of roede, dat kies je eerst
Een gordijnrail is de rustige, onopvallende keuze: hij verdwijnt naar de achtergrond en de stof glijdt er soepel overheen. Een roede met ringen is juist een statement, mooi bij een klassiek of landelijk interieur. Wil je je gordijn vaak open en dicht doen, dan is een rail met glijders prettiger. Hangt het gordijn er vooral decoratief bij, dan mag een roede best opvallen.
Hoog en breed ophangen maakt het verschil
De grootste winst zit in de plek van je rail. Hang hem niet net boven het kozijn, maar een stuk hoger, het liefst dicht onder het plafond. Dat rekt de muur optisch uit en laat je raam groter lijken. Zorg ook dat de rail aan weerszijden een flink stuk voorbij het raam steekt, zo’n twintig tot dertig centimeter. Dan kun je de gordijnen overdag helemaal naast het glas schuiven en valt er maximaal licht binnen.
Meten voor de juiste lengte
Voor de lengte heb je grofweg drie opties. Net tot de vensterbank, tot vlak boven de vloer (ongeveer een centimeter erboven), of met een kleine plooi op de grond voor een luxe, wat weelderige look. Meet vanaf de bovenkant van je rail of vanaf de ringen tot het punt waar je uitkomt. Voor de breedte reken je op anderhalf tot twee keer de railbreedte aan stof, anders hangt je gordijn strak en zonder plooi.
Zo hang je ze op
Teken eerst je hoogte af en gebruik een waterpas, want een scheve rail zie je meteen. Boor de bevestigingspunten (in beton of steen met een steenboor en pluggen, in gipsplaat met speciale hollewandpluggen). Schroef de steunen vast, klik of schuif de rail erin en hang dan pas de haakjes of ringen. Werk van buiten naar binnen, dan verdeel je de plooien gelijkmatig. Boren, waterpas, potlood, pluggen en schroeven vind je bij elke bouwmarkt, en gordijnrails en roedes koop je daar of bij de woonwinkel.
Geen zin in boren?
Huur je, of wil je geen gaten? Er zijn klemsteunen die je zonder boren tussen een kozijn klemt, en plakhaken voor lichte vitrages. Voor volle, zware gordijnen zijn die alleen niet sterk genoeg, reken dan toch op schroeven. Een tussenoplossing is een spanroede in de dagkant van het raam, handig voor een keuken of een klein zijraam. Weet je niet zeker of je muur draagt, tik er dan even op: klinkt het hol, dan zit er waarschijnlijk gipsplaat en heb je hollewandpluggen nodig die achter de plaat opensplitsen. Neem in dat geval liever een pluggetje te veel dan te weinig, want een half losgetrokken rail met gordijn en al is een vervelend gezicht.
Veelgestelde vragen
Hoe hoog moet ik een gordijnrail ophangen?
Het liefst een stuk boven het kozijn, dicht onder het plafond. Dat maakt de muur optisch hoger en het raam groter. Laat de rail ook aan beide kanten een stuk voorbij het raam steken.
Hoeveel stof heb ik nodig voor mooie plooien?
Reken op anderhalf tot twee keer de breedte van je rail aan stof. Bij minder hangt het gordijn strak en vlak, bij meer krijg je vollere, rijkere plooien.
Kan ik gordijnen ophangen zonder te boren?
Voor lichte vitrages wel, met klemsteunen of een spanroede in de dagkant. Voor zware, volle gordijnen heb je toch schroeven en pluggen nodig, anders zakt de rail door.

