Klein wil niet zeggen krap. Met de juiste indeling voelt zelfs een mini-badkamer verrassend comfortabel aan.
Een kleine badkamer indelen is een beetje als een puzzel: alle stukken moeten erin, maar ze mogen elkaar niet in de weg zitten. Het frustrerende is dat een verkeerde keuze pas opvalt als alles al betegeld is. Daarom loont het om vooraf goed na te denken over waar het sanitair komt en, minstens zo belangrijk, waar je vrije ruimte overhoudt. Die lege plekken maken een kleine badkamer namelijk leefbaar.
Begin bij de vaste punten
De plek van de afvoer en de leidingen bepaalt veel. Verplaatsen kan, maar kost geld en bouwt hoogte op onder de vloer. Kijk dus eerst waar het riool en de wateraansluitingen zitten en probeer je sanitair daar zoveel mogelijk omheen te plannen. Toilet, douche en wastafel dicht bij elkaar aan één wand of hoek houden, scheelt niet alleen kosten maar geeft ook meer aaneengesloten vrije vloer, en dat is precies wat je wil.
Kies wat echt moet, schrap de rest
In een kleine badkamer kun je niet alles hebben. Wil je een bad, dan lever je in op ruimte en waarschijnlijk op een royale wastafel. Voor de meeste kleine badkamers is een inloopdouche de slimste keuze: hij oogt open, is makkelijk schoon en de vloer loopt visueel door. Een hangend toilet en een zwevend wastafelmeubel laten de vloer eronder zichtbaar, wat de ruimte optisch groter maakt. Elk stuk sanitair dat ‘zweeft’, wint je gevoelsmatig centimeters.
Denk in looplijnen, niet alleen in vlakken
Een indeling die op papier klopt, kan in het echt toch benauwd zijn als je nergens fatsoenlijk kunt staan. Loop de ruimte in gedachten na: waar draait de deur, waar sta je bij de wastafel, kom je zonder te schuifelen bij het toilet? Een naar buiten draaiende deur of een schuifdeur bespaart zomaar een halve vierkante meter. Houd voor de wastafel en het toilet steeds wat vrije sta-ruimte, ook al is het verleidelijk die op te vullen met een kastje.
Slimme keuzes voor weinig ruimte
- Een hangend toilet en zwevend wastafelmeubel voor zichtbare vloer
- Een inloopdouche met glazen wand in plaats van een gordijn
- Een spiegelkast, zo combineer je spiegel en opberging in één
- Nissen in de douchewand voor flessen, scheelt losse rekjes
- Een schuif- of naar buiten draaiende deur
Optische trucs die echt werken
Licht en spiegels zijn je beste vrienden. Een grote spiegel boven de wastafel verdubbelt het gevoel van ruimte. Grote, lichte tegels met dunne voegen geven een rustiger beeld dan een lappendeken van kleine tegeltjes. Dezelfde tegel op vloer en wand laat de grenzen vervagen. En goede verlichting op meerdere punten haalt donkere hoeken weg, want juist die maken een kleine badkamer klein.
Waar je hulp en spullen vindt
Voor de indeling zelf gebruik je een gratis online badkamerplanner of laat je een schets maken bij een sanitairspeciaalzaak. Sanitair, tegels en een spiegelkast koop je bij die zaken, bij bouwmarkten met een badkamerafdeling of online, waar de prijsverschillen groot zijn. Voor het verleggen van leidingen of de afvoer schakel je een loodgieter in, zeker als je het sanitair wil verplaatsen. Dat deel doe je liever één keer goed dan twee keer half.
Veelgestelde vragen
Wat is de handigste indeling voor een kleine badkamer?
Houd het sanitair zoveel mogelijk aan één wand of hoek bij de bestaande afvoer, kies een inloopdouche in plaats van een bad en houd voldoende vrije sta-ruimte bij wastafel en toilet.
Is een inloopdouche of een bad beter in een kleine badkamer?
Meestal een inloopdouche. Die neemt minder ruimte in, oogt opener en is makkelijker schoon te houden. Een bad kan wel, maar gaat ten koste van de rest.
Hoe maak ik een kleine badkamer optisch groter?
Werk met hangend sanitair, grote lichte tegels met dunne voegen, een glazen douchewand, een grote spiegel en verlichting op meerdere punten.

