Met een kruisschakelaar bedien je één lamp vanaf drie of meer plekken. Zo zit het in elkaar.
Sommige lampen wil je vanaf meer dan één plek kunnen aan- en uitzetten. Denk aan een lange gang met een schakelaar aan beide uiteinden, of een trap waar je boven én beneden het licht wilt bedienen. Bij twee punten lukt dat met wisselschakelaars, maar zodra je een derde bedienpunt wilt, komt de kruisschakelaar in beeld. Hij is de stille kracht in het midden van zo’n schakeling.
Wat een kruisschakelaar precies doet
Een gewone schakelaar verbreekt of sluit gewoon een draad. Een kruisschakelaar doet iets slimmers: hij wisselt twee doorverbonden aders om, alsof hij ze kruist. Vandaar de naam. In zijn ene stand lopen de draden recht door, in de andere stand kruisen ze. Dat omwisselen zorgt ervoor dat je de stroom altijd kunt onderbreken of doorlaten, ongeacht de stand van de andere schakelaars in de rij.
Samenspel met wisselschakelaars
Een kruisschakelaar werkt nooit alleen. Hij zit altijd tussen twee wisselschakelaars in. De twee wisselschakelaars vormen het begin en het eind van de schakeling, en elke kruisschakelaar die je daartussen plaatst voegt een extra bedienpunt toe. Wil je een lamp vanaf drie plekken schakelen, dan gebruik je twee wisselschakelaars plus één kruisschakelaar. Vanaf vier plekken? Twee wissel plus twee kruis. Zo bouw je de rij net zo lang als je wilt.
Waar je hem in huis tegenkomt
De klassieke plekken zijn lange gangen, trappenhuizen, grote woonkamers met meerdere ingangen en slaapkamers waar je zowel bij de deur als bij het bed het licht wilt kunnen doven. Herken je een schakeling waarbij één lamp vanaf drie of meer punten reageert, dan zit er vrijwel zeker een kruisschakelaar tussen. Van de buitenkant zie je vaak geen verschil met een gewone schakelaar, het zit hem in de bedrading erachter.
Veilig werken aan een schakelaar
Wil je zelf een schakelaar vervangen, dan geldt één regel boven alles: werk nooit op spanning. Schakel de juiste groep uit in de meterkast voordat je iets losdraait, en zet er desnoods een briefje bij zodat niemand hem terugzet. Controleer daarna met een spanningszoeker of er echt geen spanning meer op staat, want een uitgeschakelde groep is pas veilig als je het gemeten hebt. Twijfel je over de bedrading of over wat waar hoort, roep dan een erkend installateur erbij. Elektra is niks om op de gok aan te rommelen.
Wat je nodig hebt
Ga je toch zelf aan de slag, dan is dit het minimum: een kruisschakelaar (let op, geen wisselschakelaar), een spanningszoeker, een goede schroevendraaierset en eventueel een striptang. Schakelmateriaal koop je bij de bouwmarkt of de elektrogroothandel, waar ze je meteen aan het juiste type helpen. Neem je oude schakelaar mee of maak een foto van de bedrading, dan weet je zeker dat je het goede onderdeel meeneemt.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen een kruisschakelaar en een wisselschakelaar?
Een wisselschakelaar gebruik je om een lamp vanaf twee plekken te bedienen. Een kruisschakelaar plaats je daartussen om extra bedienpunten toe te voegen, zodat je vanaf drie of meer plekken kunt schakelen.
Hoeveel kruisschakelaars kan ik in één schakeling gebruiken?
In principe onbeperkt. Je begint en eindigt altijd met een wisselschakelaar, en elke kruisschakelaar die je ertussen zet voegt één extra bedienpunt toe. Voor vier schakelpunten gebruik je bijvoorbeeld twee wissel- en twee kruisschakelaars.
Kan ik een kruisschakelaar zelf vervangen?
Een handige klusser kan dat, maar schakel altijd eerst de juiste groep in de meterkast uit en controleer met een spanningszoeker of er geen spanning meer op staat. Twijfel je over de bedrading, schakel dan een erkend installateur in.

